Stephen McKenna
In 1997 vraagt het Irish Museum of Modern Art in Dublin aan Stephen McKenna (1939) om een tentoonstelling te maken van Europese schilderkunst uit de twintigste eeuw. Hij selecteert 70 werken van 26 kunstenaars en geeft daarmee impliciet inzicht in zijn eigen werk. In zijn eigen woorden: ”(I want to) bring together paintings which exemplify the central purpose of painting: to make reality visible by presenting objects, figures and spaces on canvas. ” Dus kiest hij voor echte schilders die niet de behoefte hebben om de grenzen van hun discipline op te zoeken en die er wars van zijn om hun werk ondergeschikt te maken aan politieke of sociologische belangen. Dat kunstenaars als Picabia, Léger, De Chirico, Balthus en Scully op zijn lijstje staan, verbaast me dan ook geenszins. Als het niet ‘not done’ zou zijn geweest, had hij zijn eigen naam mogen toevoegen.
In menig opzicht is McKenna een ouderwetse kunstenaar die in zijn schilderijen bijvoorbeeld onderzoek doet naar het effect dat licht heeft op voorwerpen of op scènes, of naar het effect van objecten in verschillende soorten ruimte. Op een haast koele manier vogelt hij uit welke mogelijkheden en beperkingen een schilderij biedt. Hij kan daarbij terugvallen op een grote kennis van de kunstgeschiedenis en een perfecte beheersing van de techniek. Ook in zijn onderwerpen borduurt hij voort op een rijk verleden. Stillevens, interieurs, landschappen en zeegezichten. Hij schrikt er niet voor terug ze opnieuw onder handen te nemen (overigens geïnspireerd door zijn natuurlijke omgeving, het Ierse landschap). Het is echter niet zo, dat hij het zoveelste stilleven toevoegt aan de collectie kunstgeschiedenis. Zijn uitdaging is het juist om in zijn stijl, in zijn techniek en in zijn thematiek buiten die traditie te treden en zich los te maken van geldende afspraken en normen. Dat komt het duidelijkst naar voren in werken waarin hij bijvoorbeeld de klassieke mythologie tot uitgangspunt neemt. Hij zoekt naar een nieuwe interpretatie en zet daardoor de geconditioneerde kijker op het verkeerde been. Bovendien probeert hij die oude verhalen uit de beperkingen van hun tijd te lichten en tot universele en eeuwig geldende vertellingen te verheffen.
Stephen McKenna profiteert in de jaren tachtig van de plotselinge opleving van het schilderen, ‘het nieuwe schilderen’ of ‘het nieuwe realisme’ zoals het in die tijd nogal misleidend genoemd wordt. De hang naar figuratie is zonder twijfel het gemeenschappelijke. Of de vermeende hang naar realisme dat ook is, valt te betwijfelen. Voor McKenna gaat dat in ieder geval wel op. Daarbij komt dat zijn teruggrijpen naar grote voorbeelden uit de kunstgeschiedenis dankzij de ‘genereuze’ opstelling van de Postmodernisten (”het Postmodernisme kent vele gezichten en vele stijlen”, zeiden deskundigen toen) postuum wordt goedgekeurd.
McKenna mag door die onverwachte en ongevraagde steun onder de aandacht zijn gekomen, de kwaliteit van zijn werk had die stimulans niet nodig.
-0-
”For the painter, the question of the actual existence of an ideal in the real world is of less importance than the possibility of its life in the imagination, that is to say the possibility of its presentation in a painting.” Stephen McKenna, 2003
(c) Rob Perrée 2006
-0-
STEPHEN MCKENNA
1939, London
He lives and works in Donegal (Ireland).
His work was shown in a.o. Royal Hibernian Academy, Dublin (2005); Douglas Hyde Gallery, Dublin (2003); Hans and Sophie Tauber Arp Foundation, Bonn (2000); Ca di Fra, Milan (1999); The Smithsonian Institute, Washington D.C. (1997); The Irish Museum of Modern Art, Dublin (1993/1990); Los Angeles County Museum of Modern art (1987); San Francisco Museum of Modern Art (1986); Hayward Gallery, London (1986); Städtische Kunsthalle, Dusseldorf (1986); Museum of Modern Art, Oxford (1983); Documenta, Kassel (1982).
Selected bibliography
2004
Yvonne Scott. The West as metaphor. Dublin;
2003
Tiangolino-The Italian Connection. Cat. The Riverbank Arts Centre, Newbridge;
2002
Stephen McKenna. Et in Arcadia Ego. Cat. Douglas Hyde Gallery, Dublin;
2000
Stephen McKenna. Landscapes. Cat. Kerlin Gallery, Dublin;
Stephen McKenna. Gemälde 1990-1999. Cat. Bahnhof Rolandseck, Mainz;
1996
Stephen McKenna. Recent Paintings. Cat. The Orchard Gallery, Derry;
1992
McKenna/Picabia. Cat. Galerie des Beaux Arts, Brussels;
1991
Stephen McKenna. Cat. Sala 1, Rome;
1990
Stephen McKenna. Paintings 1985-1993. Cat. The Irish Museum of Modern Art, Dublin;
1986
Stephen McKenna. Cat. Städtische Kunsthalle, Dusseldorf;
1985
Stephen McKenna. Cat. ICA, London;
Stephen McKenna. Cat. Museum of Modern Art, Oxford;
1984
Stephen McKenna. Cat. Stedelijk Van Abbemuseum, Eindhoven;
1978
Stephen McKenna. Cat. Midland Group, Nottingham.







