DE ACHTERKANT VAN HET SPROOKJE
Met de interactieve video-installatie ‘Le Jardin Secret’ slaat Lydia Schouten thematisch een andere weg in. In haar vroegere werk creëerde ze een mediagenieke, sprookjesachtige, wellustige wereld waarin allerlei fantasieën en verlangens konden worden uitgeleefd, soms met een sombere ondertoon, maar uiteindelijk altijd met een hoopvol einde.
In ‘Le Jardin Secret’ laat de wereld haar zwarte kant zien. Een ogenschijnlijk verbonden groep mensen ontvlucht een maatschappij, omdat ze de groeiende onverschilligheid waarmee die behandeld en beleefd wordt niet langer kan en wil aanzien. Al snel ontpoppen de leden van de groep zich als een verzameling elkaar naar het leven staande individuen die meer geïnteresseerd zijn in zichzelf dan in het gezamenlijke belang. Of de kijker wil of niet, Schouten betrekt hem in deze onverkwikkelijke ontwikkelingen en houdt hem zo een spiegel voor. De sprookjeswereld van toen krijgt steeds meer de allure van een onversneden nachtmerrie. Mooi gefilmd en met gevoel voor spanning opgebouwd, maar daarom niet minder ontluisterend.
De betrokkenheid die uit deze installatie blijkt zet zich voort in de serie tekeningen die de kunstenaar de laatste paar jaar heeft gemaakt. Ze neemt daarbij de historie of, soms specifieker, de slavernijgeschiedenis als uitgangspunt en trekt van daaruit lijnen naar het heden. Ze doet dat door eerst historische locaties, gebouwen of ruïnes te fotograferen. Het zijn huizen, die al lang geen aandacht meer krijgen. Ze zijn aan de kant geschoven. Delen van de foto’s plakt ze op het ‘doek’ en vervolgens werkt ze die beelden verder uit. Tekenend of schilderend of via een mengvorm daarvan. Daarbij houdt ze zich grotendeels aan de werkelijkheid van nu, maar ze neemt alle vrijheid om scènes te verplaatsen of aan te passen. Zoals ze in haar vroege videowerk zich onttrok aan de codes van het sprookje door een beweeglijke, losse stijl weet ze het heden ook letterlijk uit het verleden te tillen. In een aantal gevallen plakt ze in de natuurlijke bewegingen en vormen van het werk stukjes gedrukte tekst die verwijzen naar de historische gebeurtenis. De ruïnes zijn zo plekken geworden waar narratieve elementen samenkomen en uitwisselingen met elkaar aangaan. Ze laat de duiding daarbij volledig aan de kijker over. Impliciet geeft ze die werken zo een universele lading.
Hoewel haar manier van werken niet wezenlijk veranderd is, heeft haar blik op de wereld aan optimisme ingeboet.
De tentoonstellingen in Arti et Amicitiae (van 10 april tot 3 mei ) en later in Galerie Witteveen (opening: 15 mei) laten dat overtuigend zien.
Rob Perrée
april 2010






