Hans Abbing

Ik heb altijd graag willen toveren. Als kind wilde ik toveren om ze versteld van mij te doen staan. Of om weg te zijn te zijn. Ergens anders waar het mooier is. Waar het echt mooi is. Niet zo als hier. Hier is het akelig.
Liet ik ze door mijn toverij versteld van mij staan, dan toverde ik eveneens een mooiere wereld. Een wereld waarin ik telde, waarin ik opgemerkt werd, een wereld waarin ik nu es macht over hen had en zij niet over mij. Dat was een mooie wereld met mooi boosaardige trekjes. Ik was niet alleen tovenaar, maar ook magiër.
Soms kon ik mijn toverwereld niet meer scheiden van de wereld van alle dag. Dan werd ik ziek. Toveren kan gevaarlijk zijn. Maar gelukkig, zoals ik tegelijkertijd merkte, niet alleen voor de tovenaar zelf.
Pas veel later leerde ik dat je met de wereld ook jezelf kunt betoveren. Niet om van de wereld weg te zijn, maar om de wereld te winnen. Soms, te vaak nog, om de wereld de baas te worden, te overwinnen. Soms om de wereld voor mij te winnen.

Tover ik prachtige oorden? Wild fantastisch, zoals de landschappen die ik als veertienjarige tekende? Ik wilde daar wel altijd blijven. Maar dat blijkt een vergissing. Nu besef ik dat ze te wild en te fantastisch, te rusteloos zijn. Niemand houdt het daar uit?
Tover ik de dood, mijn dood, mijn lichaam? Het dode lichaam een oneindig veilige haven? Pas door het mij voor te toveren, merkte ik dat mijn dood voorbij is. Hij is een lang gepasseerd station.

De romantische tovenaar is ook magisch tovenaar. Altijd al. Als ie het aandurfde toverde hij met eigen dood ook andermans dood, met eigen pijn ook andermans pijn. Het model van de kunstenaar lijdt pijn, is wanhopig. Het zelfportret en de boosaardige portretten van de ander lopen in elkaar over. De kunstenaar blijft niettemin onbevredigd achter.
Hoe creatief is de romantisch kunstenaar? Het “schept” een vertouwde wereld. Hij reproduceert zijn vertouwde wereld. Hij creëert niet. Hij speelt niet.
Langzaam en met veel tegenzin verleer ik het romantisch toveren. Langzaam en met veel plezier leer ik spelen.

De creatieve kunstenaar gebruikt zijn magie anders. Hij gaat op zoek naar het onbekende in zijn wereld, zijn vertouwde wereld. Hij gaat de grenzen, het hart van zijn wereld. Spelenderwijs creeert hij zijn onbekenden.
Onbekenden die pas dan geen onbekenden blijken te zijn. Ze waren er al. Alles overheersend waren ze aanwezig. Zeer vertrouwd maar niet gekend. De tovenaar/kunstenaar maakt bekend, geeft kennis. Aan zichzelf, aan anderen.

Niet langer loopt hij weg. Hij zoekt zijn demonen op. Hij herstelt ze. Herstelt hij ze? Wat zeg ik: hij blaast ze op. Hij maakt ze groot. Zo groot dat hij er zelf bang van wordt.
Totems maakt ie. Enorme totems. Met grenzeloos ontzag, grenzeloze overmoed en grenzeloze minachting danst hij om ze heen. Hij spuugt op ze. Hij omarmt ze. Zo maakt hij ze zich eigen. Ik maak jullie mij eigen. Nu ben ik het die jullie mij eigen maakt. Dit ben ik. Dit was ik.
Alleen wat ik heb, wat van mij is, zal ik achterlaten.

Zie ook: www.hansabbing.nl

Kunst Hans Abbing Online @ Galerie Witteveen


About Norbert & Oeke

Contemporary Art Gallery & art-dealers since 1988. Our keywords: honest, responsible, good value for money.
This entry was posted in Hans Abbing, Kunstenaars. Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>