Tekening Festival deel III : 15 juni t/m 20 juli 2013

Graag nodigen wij U uit voor deel III van het Tekening Festival met : Marlies Appel, Pieter Bijwaard, Rosemin Hendriks, Nour-Eddine Jarram, Juul Kraijer, Arno Kramer, Meinbert Gozewijn van Soest en Hans de Wit, op zaterdagmiddag 15 juni tussen 4 en 6 uur. Plus het geprolongeerde werk STATE van Anita Groener !

Witteveen visual art centre organiseert drie maanden lang een Tekeningen Festival, o.l.v. Arno Kramer.

Beschikbaar in de galerie: het Witteveen magazine #1 met teksten van Arno Kramer (en Diana Wind), waarin alle tekenaars uit hele festival worden besproken, 30 x 20 cm, met veel kleur-afbeeldingen, 16 pp. : € 1,-

Met artikelen over : Roland Sohier, Paul Klemann, Ron Amir, Cathelijn van Goor, Anita Groener, Geer van der Klugt, Stefan Kasper, Marleen Kappe, Nicole Schulze en Kim Streur, Marlies Appel, Pieter Bijwaard, Rosemin Hendriks, Nour-Eddine Jarram, Juul Kraijer, Arno Kramer, Meinbert Gozewijn van Soest en Hans de Wit

Marlies Appel


Marlies Appel 2011 Cupola #3 grafiet op traceerpapier

Marlies Appel 2011 Cupola #3 grafiet op traceerpapier


De delicate tekeningen van Marlies Appel op transparant papier, zijn enerzijds raadselachtig en anderzijds helder en poëtisch. De raadselachtigheid zit in de houding van de personen die iets suggereren waar je niet helemaal achterkomt. De vrouwen hebben een mate van anonimiteit omdat ze zich meestal afwenden van de kijker. De situaties waarin zij zijn geplaatst, soms loopt de figuur over in een attribuut als een tafel of een stoel, vergroten dat. De lineaire aanpak lijkt simpel. De gestalten krijgen immers hun vorm in een contour. Abstracte lijnvoering gaat samen met de uitbeelding van het vrouwenlichaam. Appel werkt weinig met schaduwpartijen waardoor de plasticiteit van haar vrouwen betrekkelijk blijft. Hoewel de scènes soms dramatisch ogen zijn zij eveneens van een zekere lichtheid. De vrouwen zijn poëtische ‘schaakstukken’ in een eenvoudig decor, dat in zijn geheel wel een bepaalde spanning oproept.

Pieter Bijwaard


Pieter Bijwaard gemengde technieken op papier 32,5 x 25 cm

Pieter Bijwaard gemengde technieken op papier 32,5 x 25 cm


Pieter Bijwaard werkt aan series tekeningen op hetzelfde formaat. Zijn werken op papier, met aquarel, potlood, drukinkt of collage, zijn tastende beelden die over het vlak lijken te schuiven tot ze bestendiging vinden op een bepaalde plek. Dikwijls concentreren de vormen zich aan de randen van het papier. Soms met vormen die deels over elkaar heen vallen, maar altijd wel de indruk wekkend dat ze uiteindelijk hun definitieve plek hebben gekregen. De cirkels en vierkanten zijn ‘zachtmoedig’ en meestel ingehouden van kleur. Als cirkels gedeeltelijk over elkaar schuiven lijken het zonsverduistering te zijn. Een enkele maal is ook het onderliggende papier gekleurd en wordt die indruk van sensibele en zachtheid versterkt.

Anita Groener

Geprolongeerd !
Anita Groener 2013 STATE  1100 x silhouetten+speldenknoppen

Anita Groener 2013 STATE 1100 x silhouetten+speldenknoppen


Het werk van Anita Groener heeft mede zijn betekenis gekregen in de analyse van het proces dat ze zichtbaar maakt. Natuurlijk kun je enkelvoudige werken waarderen om hun visie, hun kwaliteit en hun sensibiliteit, maar toch worden reeksen tekeningen vaak vanuit een bepaalde stellingname gemaakt. Als voortdurend thema in haar werk komt de dialectiek van de ontwrichting van de mens in de hedendaagse geopolitieke realiteit aan de orde. In dit nieuwste werk hier in Witteveen, is de kern van deze dialoog onderzocht. De kern wordt gedefinieerd door trauma, door leed en verdriet, dat onvermijdelijk gelegen is in een collectief systeem (zoals familie, maatschappij, cultuur, religie, politiek, economie, geschiedenis, etc). De directe kracht die in het werk ligt heeft ook te maken met de voorkeur voor het gebruik van een monochromatisch palet van voornamelijk nuances zwart. In het grote wandwerk STATE, dat ter plekke wordt opgebouwd, heeft Groener bijna 2000 kleine silhouetjes met de hand gesneden uit zwart papier, en zijn deze met spelden op de muur geprikt. In de galerie ervaren we de installatie van veraf als abstract, de kern van het werk dient zich pas aan als we dichterbij komen en die honderden ‘personen’ ook onderscheiden. De ervaring van de kijker wordt bepaald door zijn positie, als getuige in een schouwspel. Een wonderbaarlijk beweging die, afhankelijk van het standpunt van de toeschouwer, tegelijkertijd esthetisch als schrijnend is.

Rosemin Hendriks


Rosemin Hendriks 2012  z.t  35,8 x 48 cm nero-, pastel-, kleurpotlood

Rosemin Hendriks 2012 z.t 35,8 x48 cm nero-, pastel-, kleurpotlood


Rosemin Hendriks werkt al jaren aan een oeuvre waarin haar eigen gezicht het hoofdonderwerp is van de vaak erg grote tekeningen. Zij kan met een lijn zowel een krachtige vorm aangeven als een delicate zachtheid van waar die vorm over gaat. De lijn van een wang of kaak, is soms even herhaald waardoor er aarzeling in het definitieve beeld komt. Uiteindelijk is het totale zelfportretbeeld altijd krachtig en monumentaal. Het kijken naar een zelfportret geeft vaak in dat je verwacht dat er over de maker iets speciaals wordt onthuld. Waarom tekent iemand een zelfportret? Dat is zeker niet alleen ijdelheid, sterker nog soms lijkt het helemaal niets met ijdelheid te maken te hebben, maar zie je en voel je dat de maker ons iets anders wil laten zien. Het is een cliché om te zeggen dat we dat portret als de spiegel van iemands ziel kunnen zien, maar hoe vaak bevat een cliché niet gewoon de waarheid? De grote zelfportretten van Rosemin Hendriks hebben vooral iets anders te vertellen dan ijdelheid. Eigenlijk mag je dat woord in relatie tot haar werk vind ik niet gebruiken, omdat ik geloof dat het volstrekt bezijden de inhoud is. Hendriks heeft in de jarenlange verdieping op haarzelf, steeds kans gezien om het werk iets subtiels, maar ook wel geheimzinnigs, mee te geven. Het lijkt nooit om schoonheid te gaan bijvoorbeeld. Het lijkt vooral te gaan om de psyche en dus niet om de buitenkant maar juist om die binnenkant. Zij lijkt in staat om die binnenkant via het gegeven van het zelfportret zichtbaar te maken. Nooit is het werk behaagziek. Soms zelfs in zijn eerlijkheid ongemakkelijk. Soms werkt het melancholiek, maar net iets vaker roept het een zekere benauwdheid en angst op.

Nour-Eddine Jarram


Nour-Eddine Jarram 2012 La victoire de la lumiére  pastel 100 x 75 cm

Nour-Eddine Jarram 2012 La victoire de la lumiére pastel 100 x 75 cm


Een van de origineelste tekenaars in Nederland, die zijn oorspronkelijke cultuur (de Marokkaanse) steeds tot basis, inzet en kracht in zijn eigen werk heeft gemaakt, is Nour-Eddine Jarram. Al decennia lang werkt hij gestaag aan een oeuvre dat inmiddels in veel collecties vertegenwoordigd is. In zijn verwijzingen in zijn tekeningen speelt hij een spel met het expliciete verbod in de Islamitische cultuur die de feitelijk afbeelding van de mens verbiedt. Bij Jarram bevindt een silhouet, dat duidelijk naar die mens verwijst, zich vaak in een landschappelijke of surreële omgeving. Het is niet alleen de opbouw van het beeld dat nogal onhollands is, vooral ook zijn kleurgebruik met pastels is dat. Vaak rijk, zeer gelaagd en op punten in details heel belangrijk. Je krijgt de indruk dat het beeld, ondanks die duidelijke basis van soms een landschap soms een silhouet, toch voornamelijk tijdens het tekenen zijn uiteindelijk vorm krijgt. Elke tekening is ook een open verhaal. Is een avontuur. En een zekere spanning tussen een idee en een verlangen naar bijvoorbeeld een onbestaand landschap en een onbestaande figuur. Doorleefd in het spel met Westerse en Marokkaanse elementen. Jarram voegt met dit rijke oeuvre veel toe aan de Nederlandse beeldende kunst.

Juul Kraijer


Juul Kraijer tekening

Juul Kraijer tekening


De feeërieke vrouwen die Juul Kraijer tekent, met houtskool, soms pastel en potlood, komen uit een ons niet bekende wereld, al kunnen we door die sprookjesachtige uitstraling wel een vermoeden ontwikkelen er dichtbij te komen. De tekeningen hebben iets verleidelijks, ze zuigen je het beeld binnen waarna je de fijnzinnig getekende details gaat zien. Kleine diertjes die een lichaam bedekken, vogels rond een staand naakt lichaam. Alles even liefdevol en met grote aandacht voor de toon van het werk getekend. De houdingen van de vrouwen in haar werk roepen vaak een spanning op, maar iets poëtisch blijft van ze af stralen. Ook in de portretten worden diertjes, meestal insecten op een gezicht getekend waardoor er een benauwd gevoel kan ontstaan. Dat wordt versterkt doordat de ondergrond soms zwart is. Haar vasthoudendheid in haar onderwerp, de steeds buitengewoon zorgvuldige en zachte manier van tekenen, de beheersing van elk formaat, van menshoog tot delicaat klein, vormen de belangrijkste kwalitatieve eigenschappen.

Arno Kramer


Arno Kramer 2012 potlood-collage-papier 43 x 51,6 cm

Arno Kramer 2012 potlood-collage-papier 43 x 51,6 cm


Diana Wind, directeur van het Stedelijk Museum Schiedam schreef in het boek bij de tentoonstelling All About Drawing over zijn werk: Arno Kramer is een tekenaar pur sang. Het gaat bij hem om wat er vanuit het handschrift ontstaat, zonder vooropgezet plan maar wel geleid door zijn hand. Dat kunnen teksten zijn, bijna altijd in het Engels, of rasterpatronen gecombineerd met figuratieve beelden opgezet in aquarel of potlood. De werken zijn telkens opgebouwd uit combinaties van materialen en technieken, abstractie en figuratie. De vlekken en uitlopers in de aquarelverf lijken spontaan, maar zoals alles in de tekeningen van Kramer zijn ze met lichte dwang gestuurd. Hij verbeeldt vaak kwetsbare wezens als herten, hazen, zwanen en naakte vrouwen. Door hen enerzijds in onaangename ruimtes te plaatsen, achter rasters of juist onbeschermd in het geabstraheerde bos of anderzijds met abstractere elementen te combineren ontstaat een gevoel van ongemak. Het wringt, en Kramer blijft op die manier ver weg van sentiment.

Mienbert Gozewijn van Soest


Meinbert Gozewijn van Soest 2013 portret Alessandro 'Thie Nose' Gualtieri parfumeur 42 x 30 cm

Meinbert Gozewijn van Soest 2013 portret Alessandro 'Thie Nose' Gualtieri parfumeur 42 x 30 cm

Dat de mens in het werk van Mijnbert Gozewijn van Soest vrijwel altijd de hoofdrol speelt is een understatement. Zijn benadering in veelal allerlei maten van tekeningen is buitengewoon expressief en direct. Hij krast en meandert over het papier dat het een lieve lust is, maar weet bijzonder goed waar het in de tekeningen uiteindelijk naar toe moet. Vertwijfeling, agressie, angst, schrik, teruggetrokkenheid zijn wel begrippen die op het werk van toepassing zijn. In de serie Substitute Heads lukt het je niet direct om als kijker direct te achterhalen of de kunstenaar ons bekende personen verbeeldt of dat hij het hoofd als metafoor voor iets hogers ziet. Dat er ‘iets aan de hand’ is is evident en de uitstraling van de veelal donkere personages is die van bedreiging, maar tegelijkertijd wellicht ook van de bedreigde. Het gaat de kunstenaar natuurlijk ook niet om gelijkenis, maar hij wil iets te weeg brengen dat niet blijft steken in het idee dat ‘slechts’ een persoon, mogelijk in verwarring wordt verbeeld. In het zwart dat de kunstenaar als materiaal gebruikt leeft het ook. Zien we soms een delicatere lijn die een contour aangeeft en vermoed je ineens toch enige gelijkenis met een politiek figuur.

Hans de Wit


Hans de Wit tekening

Hans de Wit tekening


De tekening is het medium dat de kunst als het ware het meest onttovert. Meestal, want als je de werken van Hans de Wit goed bekijkt bekruipt je vaak een heel ander gevoel. Hij maakt juist nieuwe werkelijkheden zichtbaar. Mysteries ook, als een godheid tekent hij zijn specifieke wereld, die de raadselachtigheid van de natuur koppelt aan een fantasiearchitectuur. Er wordt mysterieus gedacht, maar ook magisch. We kunnen ons over veel verbazen wat Hans de Wit ons in dat conglomeraat van beelden voorschotelt, feit blijft dat alles met de grootste precisie en technische vaardigheid is uitgevoerd. Toch is deze techniek niet wat overheerst. Dat blijft die bizarre beeldenwereld, waarvan je je overigens nauwelijks kunt voorstellen dat er te leven valt. Hier wordt een visie op microscopische beelden gekoppeld aan het grootsere wat architectuur heeft. Dimensies lijken niet te tellen in de logische zin. Ze worden pas weer logisch in die wereld van Hans de Wit. Het werk heeft ook, ondanks de complexiteit en beeldende directheid veel schoonheid in zich. De genuanceerde indruk die de tekenkunst van Hans de Wit maakt, kan alleen door onze verbeeldingskracht worden bewerkstelligd. De werkelijkheid in de tekeningen van Hans de Wit is de werkelijkheid van de maker, het is een beeld geworden dat aan de wereld is gegeven en waarvan mag worden aangenomen dat het iets bij kijkers te weeg brengt. Hij schept een wereld die volstrekt autonoom is en waarin je kunt dwalen tot je een ons weegt en nog krijg je er volledig vat op.


Posted in Tekenen, Tekeningen Festival | Leave a comment

Tekening Festival : deel II van 4 mei t-m 8 juni 2013

Witteveen visual art centre organiseert drie maanden lang een Tekeningen Festival, o.l.v. Arno Kramer.

Graag nodigen wij U uit voor de opening van deel 2 door Arno Kramer, met als deelnemers : Ron Amir, Cathelijn van Goor, Anita Groener, Geer van der Klugt, Stefan Kasper, Marleen Kappe, Nicole Schulze en Kim Streur, op zaterdagmiddag 4 mei a.s. tussen 4 en 6 uur. [space 1-4]

Tegelijkertijd is dan het Witteveen magazine #1 beschikbaar met teksten van Arno Kramer en Diana Wind, waarin alle tekenaars uit hele festival worden besproken, 30 x 20 cm, met veel kleur-afbeeldingen, 16 pp. : € 1,- in de galerie.

Anita Groener

Anita Groener Sunday Times_07 April 2013

Anita Groener Sunday Times_07 April 2013


Het werk van Anita Groener heeft mede zijn betekenis gekregen in de analyse van het proces dat ze zichtbaar maakt. Natuurlijk kun je enkelvoudige werken waarderen om hun visie, hun kwaliteit en hun sensibiliteit, maar toch worden reeksen tekeningen vaak vanuit een bepaalde stellingname gemaakt. Als voortdurend thema in haar werk komt de dialectiek van de ontwrichting van de mens in de hedendaagse geopolitieke realiteit aan de orde. In dit nieuwste werk hier in Witteveen, is de kern van deze dialoog onderzocht. De kern wordt gedefinieerd door trauma, door leed en verdriet, dat onvermijdelijk gelegen is in een collectief systeem (zoals familie, maatschappij, cultuur, religie, politiek, economie, geschiedenis, etc). De directe kracht die in het werk ligt heeft ook te maken met de voorkeur voor het gebruik van een monochromatisch palet van voornamelijk nuances zwart. In het grote wandwerk STATE, dat ter plekke wordt opgebouwd, heeft Groener bijna 2000 kleine silhouetjes met de hand gesneden uit zwart papier, en zijn deze met spelden op de muur geprikt. In de galerie ervaren we de installatie van veraf als abstract, de kern van het werk dient zich pas aan als we dichterbij komen en die honderden ‘personen’ ook onderscheiden. De ervaring van de kijker wordt bepaald door zijn positie, als getuige in een schouwspel. Een wonderbaarlijk beweging die, afhankelijk van het standpunt van de toeschouwer, tegelijkertijd esthetisch als schrijnend is.

Geer van der Klugt

Geer van der Klugt 2011 Pigs pastel-gouache-houtskool-papier 100x140cm

Geer van der Klugt 2011 Pigs pastel-gouache-houtskool-papier 100x140cm


De schijnbaar fraaie, maar lege landschapstekeningen van Geer van der Klugt blijken bij nadere beschouwen ergens in het beeld iets mysterieus of zelfs mystieks te bevatten. Een ‘oneigenlijke’ lichtval veroorzaakt een mate van verwarring en het dwingt je om steeds weer opnieuw vast te stellen of dat wat je ziet nu alleen maar over de werkelijkheid gaat of dat het alleen een beroep doet op gevoel voor stilte en schoonheid. Het is duidelijk dat het om meer gaat. Van der Klugt’s doel is niet alleen maar schoonheid te tekenen. Daarvoor zijn de landschappen ook dikwijls te leeg en ‘aangetast’. Zij zijn geladen met een mysterie dat zich niet openbaart, maar dat je in verwondering, toch ook om de schoonheid achterlaat. Of zoals de Duitse schrijver Eugen Rugen zei: Schoonheid bestaat erin dat het gruwelijke door de esthetische vorm wordt bezworen. Van der Klugt’s kleuren beantwoorden meestal wel aan de tinten die je in de natuur ziet, al lijkt het nooit volop zomer.

Ron Amir

Ron Amir 2012 The origin of Art charcoal on paper 150x200cm

Ron Amir 2012 The origin of Art charcoal on paper 150x200cm


De wereld die Ron Amir ons voorschotelt is eveneens geladen, maar op een volstrekt andere manier. In de houtskooltekeningen wordt een wereld verbeeld die wel aanschurkt tegen de ons omringende, maar die in zijn attitude surreëel en absurd oogt. Ruimten en achtergronden worden vervormd, de mens die er nadrukkelijk in figureert, is niet te ‘betrappen’ op vrolijkheid, maar lijkt lijdend een positie in te nemen in de vaak ingewikkelde composities. Maar ook voorwerpen spelen een rol. Wat doet een gedeformeerde auto daar? Hoe kan een trap in een onderwater situatie een rol spelen? Amir’s werken zijn tot in alle details van zijn virtuoze tekeningen vraagstellend over de gesuggereerde betekenis. Die we vermoedelijk vooral zelf in die beelden moeten leggen.

Nicole Schulze

Nicole Schulze Airplanes potlood, inkt of-en kleurpotlood of-en pastel of-en garen op papier 42x30cm

Nicole Schulze Airplanes potlood, inkt of-en kleurpotlood of-en pastel of-en garen op papier 42x30cm


Zorgvuldigheid en precisie is er ook in details het werk van Nicole Schulze, al zijn bij haar de tekeningen nooit vullend voor een heel blad. Het figuratieve uitgangspunt wordt soms aangetast met borduursels, met waterverf vlekken, waardoor een zekere spanning in het beeld ontstaat, die ons laat zien, mede door de suggestieve titels, dat er meer aan de hand is dan we aanvankelijk denken. De mens vormt toch de kern in haar werk, in allerlei hoedanigheden komt hij voor, vooral in ‘aangetaste’ portretten wordt een beeld geschapen dat ironisch kan zijn, maar ook streng en lijdend en soms angstig. Seksualiteit, straatcultuur, het gedrag van mensen in het algemeen, oude waarden en hedendaagse uitingen van cultuur, vormen de hoofdlijnen in haar werk. De uitvoering is altijd precies en rijk gevarieerd in techniek en toepassing van materiaal.

Kim Streur

Kim Streur, into the woods, 2012

Kim Streur, into the woods, 2012


In Kim Steurs werk worden tekeningen samengevoegd met vrijwel abstracte afdrukken (met tekeninkt) van papier en vegetatie. In de vegetatiedrukken is het fysieke gebaar het vertrekpunt en het materiaal dicteert vervolgens veel meer spontaan het beeld. De tekeningen (met tekeninkt, potlood en pastelkrijt) tonen veel meer een innerlijke wereld – een verdichting van herinneringen, associaties, verlangens. Het zijn beelden die tijdens het werken onverwacht kunnen opdoemen om ook spontaan weer te worden vastgelegd. Zij ziet ze soms als als open plekken in een woud. Voor installatievere werken teken ze eerst de onderdelen geïsoleerd op aparte vellen en voegt ze later in de installaties samen met de afdrukken. Waarmee ze een definitievere plek krijgen. De opdoemende dieren kun je dan duiden als bijna mythologische elementen. Ook het ontstane bosachtige krijgt die gefantaseerde mythologische proporties. Het gebruikmaken van heuse varens voor de afdrukken geven de indruk van boomstaketsels. Toch zijn de werken pas ‘compleet’ als er ook delen handmatig zijn getekend.

Marleen Kappe

Marleen Kappe ZT 2013  potlood collage op papier 21x30cm

Marleen Kappe ZT 2013 potlood collage op papier 21x30cm


De hoofdlijn die Marleen Kappe in haar werk aan de orde stel is het gedrag van de mens in relatie tot de samenleving. De mens die de wereld wil analyseren, ordenen en controleren. Zij maakt installaties en tekeningen om te onderzoeken hoever we kunnen gaan. Of zoals ze zelf schrijft: wil de mens alles naar zijn hand zetten? Is de expansiedrift nog te stoppen? Mensen komen toch dikwijls in conflict met kunstmatige constructies. Dieren en de natuur raken verstrikt in netwerken van regels. Eigenlijk kan de natuur niet verstrikt raken, omdat het geen ding dan wel organisme of object is. Je zou dus kunnen schrijven dat dier en natuur door allerlei kunstmatige aanpassingen en veranderingen hun natuurlijke habitat kwijt raken. In de tekeningen geeft Marleen Kappe uitdrukking aan haar kritiek. Ze stelt voortdurend vragen: maken we ons druk om de slachtoffers die vallen tijdens dit proces? Of zijn er geen slachtoffers? Mens en dier gedragen zich uiteindelijk vaak wonderbaarlijk natuurlijk in een landschap dat voorheen niet bestond. Haar tekeningen zijn precies en delicaat uitgewerkt en er is altijd wel de behoefte om meer te doen dan alleen op het platte papiervlak te blijven werken. Soms komen delen van de tekeningen de ruimte in en worden de werken objectmatiger.

Stefan Kasper

Stefan Kasper 2013 Glitterpoes III acryl-glitterlijm-inkt-collage-papier 110x75cm

Stefan Kasper 2013 Glitterpoes III acryl-glitterlijm-inkt-collage-papier 110x75cm


Stefan Kasper heeft het vermogen om op een ongelooflijk dynamische manier zijn onderwerp ‘te lijf te gaan’. In zijn tekeningen zie je staaltjes van hedendaagse beeldende brutaliteit waarbij weinig, in zowel beeldende, als in materiële zin onmogelijk lijkt. Kasper gebruikte acrylverf, glitterlijm, houtskool, parelmoerlijm en kleurpotlood en bespeelt op een dusdanige manier dat je bijna een deel van het plezier dat het maken moet hebben, opnieuw kunt meebeleven. De explosie van beelden en gesampelde ideeën in veel van zijn vaak erg grote tekeningen valt eigenlijk overal goed op zijn plek. Ondanks de drukte van het beeld en de toepassing van verschillende materialen, is het ook wel weer verrassend helder. Vrijwel alles wat ons omringt of wat ook in onze gedachte een vorm kan aannemen, komt in zijn werk wel voorbij. De vele beelden kunnen je tegelijkertijd ook wel in verwarring brengen. Veel van zijn tekeningen zijn uiteindelijk ook ‘polonaises’ van beelden en technieken. Heftig en dynamisch gemaakt, met de toch ook benodigde controle om het beeld te laten overtuigen.

Cathelijn van Goor

Cathelijn van Goor work in progres

Cathelijn van Goor work in progres


In de soms lichtelijk verwarrende wereld in de tekeningen van Cathelijn van Goor voel je een bepaalde spanning tussen de figurerende mens en zijn omgeving. Het landschappelijk aspect in het werk lijkt soms belangrijk, maar wordt niet tot in kleine details uitgewerkt. Het is sowieso bijna een gegeven in haar werk dat het tekenen van details, vrij precies en het open laten van plekken in een tekening, karakteristiek zijn voor het uiteindelijke resultaat. Van Goor lijkt echter nooit helemaal los te kunnen van die werkelijkheid, al is deze soms slechts secundair als ‘suggestie’ aanwezig in bijvoorbeeld de getekende reflecties in de ramen van een gebouw. Losheid en precisie lijken soms om voorrang te strijden. Door de grote formaten, waarop dan ook veel te zien is in de voorstellingen, wordt het werk ook verhalend. Zien we toch duidelijk de neerslag van ervaringen, zoals is in de recente tekeningen wel blijkt na een verblijf in China.

[teksten: Arno Kramer (C) 2013]


Posted in Exposities bij Witteveen, Nieuws, Tekenen, Tekeningen Festival | Leave a comment

Tekeningen Festival : 6 april tm 15 juli 2013

Witteveen visual art centre organiseert drie maanden lang een Tekeningen Festival, o.l.v. Arno Kramer.

Deel 1 : Recent werk van Roland Sohier en Paul Klemann.

Deel 2 : met Ron Amir, Cathelijn van Goor, Anita Groener, Geer van der Klugt, Stefan Kasper, Marleen Kappe, Nicole Schulze en Kim Streur: 4 mei t/m 8 juni a.s. [space 1 - 4].

Graag nodigen wij U uit voor de opening van deel 1 (Roland Sohier & Paul Klemann) op zaterdag 6 april tussen 16.00 en 18.00 uur, deze tentoonstelling loopt t/m 27 april. [space 1 + 2]

Roland Sohier

(1950) “Ik maak figuratieve tekeningen en schilderijen die hun licht laten schijnen op ‘de menselijke toestand’.

Beginnend vanuit strikt persoonlijke ideeën, emoties en overwegingen dwing ik tijdens het werkproces de voorstelling tot een meer algemene geldigheid.
Sporen van dit proces zijn te vinden in het smoezelige gegum, de weggesneden delen in de tekeningen en in de gelaagdheid van de schilderijen.

In de werken figureren mannen en vrouwen van vlees en bloed, maar er is ook plaats voor clowns, kabouters of reuzen.
Het gebruik van dergelijke (sprookjes)figuren geeft me de mogelijkheid de werkelijkheid vanuit een zijdeur te benaderen.

Ik gebruik humor en een vleugje ironie om de soms zware thematiek een zekere lichtvoetigheid te geven.

Ik maak zowel zeer grote, als kleinere tekeningen en schilderijen, maak tekeningen-installaties en site-specific collages. Daarnaast maak ik in opdracht bronzen beelden, glas-in-lood en muurtekeningen.”

Professor Sohier : Het Centraal Museum nodigde Roland uit om een tentoonstelling rond nijntje te maken. Hij bedacht Bij nijntje op zolder (t/m 23 febr. 2014), een zolder zoals je bij oma aantreft, een beetje duister en geheimzinnig, waar van alles te ontdekken valt. Daar heeft Sohier alle neefjes en nichtjes van nijntje verzameld, die hij uit allerlei bronnen heeft geplukt. De konijnenprofessor verklaart het konijn : video (1 min.)

Roland Sohier, 2013, Zwarte Haas, kleurpotlood, houtskool + pastel op papier, 100 x 80 cm.

Roland Sohier, 2013, Zwarte Haas, kleurpotlood, houtskool + pastel op papier, 100 x 80 cm.

Paul Klemann

(1960) Sinds 1985 noteert tekenaar Paul Klemann zijn dromen. Inmiddels heeft hij een archief met enkele duizenden tekeningen. Over het werk van Paul Klemann (1960) is gezegd: ‘Zijn tekeningen zijn gekenmerkt door scenes die het verstand links passeren en meteen doorschieten naar het centraal zenuwstelsel, waarvan de onmiddellijke commando’s de haartjes in de nek overeind zetten’. Klemann is sinds 1985 obsessief bezig met het tekenen van zijn dromen. Hij zet de wekker een aantal keren, noteert zijn dromen in een soort steno als hij wakker wordt en werkt ze uit tot tekeningen.

Paul Klemann, 2012, The Hands of Fatima

Paul Klemann, 2012, The Hands of Fatima


Posted in Exposities bij Witteveen, Paul Klemann, Roand Sohier, Tekenen, Tekeningen Festival | Leave a comment

HERE COMES THE FLOOD ~ 16 februari t-m 23 maart 2013

For the Sake of Paint 2 ~ THE FLOOD ~ Curator F. Franciscus In november 2011 ging in het Dordrechts Museum de tentoonstelling ‘What’s Up. De Jongste Schilderkunst in Nederland’ in première. Een bewonderenswaardig initiatief dat ook als zodanig werd … Continue reading

Posted in Exposities bij Witteveen, Frans Franciscus, Nieuws, Projekten, THE FLOOD | Leave a comment

Wout Berger ~ When I open my eyes

Verkrijgbaar in de galerie     var fbShare = {url: ‘http://www.galeriewitteveen.nl/2013/02/wout-berger-when-i-open-my-eyes/’,size: ‘large’,}  

Posted in Fotografie, Wout Berger | Leave a comment

Contact

Witteveen visual art centre – Konijnenstraat 16 A – 1016 SL Amsterdam open: dinsdag t/m zaterdag 12:00 – 18:00 uur tel +31 (0)20 – 623 96 84   oeke@xs4all.nl     ‎260 m2 voor exposities, gast-galeries, lezingen & beschouwingen, veilingen?, workshops plus … Continue reading

Posted in Blog, Nieuws, Nieuws-overzicht, Uncategorized | Leave a comment

Centrum Witteveen contact

logo Witteveen visual art centre

logo Witteveen visual art centre

Oeke Witteveen, director
Contemporary Art plus Abstract Art of the 50′s and COBRA-period

Konijnenstraat 16 A (parallel to Hazenstraat)
1016 SL Amsterdam
open : tuesday thru saturday 12:00 – 18:00 hrs

tel: +31 (0)20 623 96 84
email: oeke@xs4all.nl

[Professor Roland Sohier verklaart haas en konijn in 1 minuut]

Parking : Q-Park, Marnixtraat 250 (opposite police station, next to busstation)

Public transport : tram 7, 10, 17 (Elandsgracht). tram 13, 14, 17 (Westermarkt)

Met de KunstKoop kunnen particulieren kunst op afbetaling kopen bij een aantal galeries zonder dat zij rente hoeven te betalen; deze wordt vergoed door het Mondriaan Fonds. Uw eigen aanbetaling is 10%.
Sinds 1997 maakten meer dan 43.000 kopers gebruik van de KunstKoop en kochten voor ruim 134 miljoen euro aan kunstwerken.

Het Kunstbeeld keurmerk is door magazine Kunstbeeld toegekend aan een kleine selectie van professionele galeries en kunstinstellingen die zich richten op moderne en hedendaagse kunst.

.
.

Lid Nederlandse Galerie Associatie.

.
.
.
.
.


View Larger MapWestelijke Jordaan.


Posted in contact | Leave a comment

Art Rotterdam Week : tot en met 10 februari 2013

Deze week: Art Rotterdam Week (6 beurzen) : tot en met 10 februari. Oeke presenteert op de Art Warehouse : Arno Kramer, Gé-Karel van der Sterren, F. Fransciscus, Charlotte Schrameijer, Joost van den Toorn, Gijs Assmann, Wout Herfkens, Chantal Spit, … Continue reading

Posted in Blog, Nieuws | Leave a comment

Inleiding Arno Kramer Teken Festival

Openingstekst Witteveen Visual Art Centre 4 mei 2013

Het maken van een kunstwerk komt meestal voort uit een innerlijke drang die zich niet zo eenvoudig laat verklaren. Iedereen heeft natuurlijk weleens de onbedwingbare behoefte iets tot stand te brengen wat voortkomt uit een eigen idee of een eigen ervaring. De vorm die voor een dergelijke uiting gekozen wordt, bepaalt of we er van spreken dat de maker een beeldend kunstenaar, een acteur, een dichter, een tuinarchitect, een journalist, een communicatiewetenschapper, een timmerman, een tuinman, enzovoort is. In de regel zullen vakmensen als de timmerman, de tuinman en de naaister iets maken dat volgens een vooraf gemaakte tekening, een patroon of een ontwerp wordt gefabriceerd. De kunstenaar onderscheidt zich echter, ik vertel hier niets nieuws, omdat hij of zij het eigen idee of de eigen ervaring op een volkomen persoonlijke wijze wil vormgeven. Die kunstenaar drukt iets uit van een speciaal gevoel, een persoonlijk verhaal of een unieke gedachte.
Naarmate kunstenaars in de gaten kregen dat je met het maken van een kunstwerk niet moest blijven steken in de mimesis, de nabootsing, maar dat je moest zoeken naar een eigen, nieuwe beeldenwereld, werd van de kijker naar die kunstwerken een andere ervaring en kennis gevraagd. Er moest anders worden gecommuniceerd.

Literaire en realistische kunst roept niet zoveel vragen op, omdat we uitstekend kunnen zien wat de maker wil. De maker wil bijvoorbeeld excelleren in het zo precies mogelijk nabootsen van de werkelijkheid. Die werkelijkheid kennen we, zij is onze referentie als we zo’n kunstwerk bekijken en beoordelen. We spreken van goed gelukt, knap gemaakt en het lijkt net echt. Naarmate de beeldende kunst zich vrijer ontwikkelde ontstond er een grotere kloof met het publiek. Dat publiek heeft, zo lijkt het vaak, de snelheid waarmee de beeldende kunst zich ontwikkelde niet altijd kunnen bijbenen. Met de tekenkunst valt dat overigens wel mee.

In veel hedendaagse tekenkunst zie je een mate van vakmanschap terugkomen die verbaast. Het is immers lang niet meer een uitgemaakte zaak dat je op de huidige academies goed tekenonderwijs kunt krijgen. Veel docenten die er nu werken hebben in hun eigen opleiding al helemaal niet meer klassiek, naar model en stilleven, geleerd te tekenen. Toch is het te prijzen dat veel kunstenaars, ook jonge kunstenaars, dan zelf maar op zoek gaan naar bronnen en werken aan de vervolmaking van dat wat ze willen tekenen. Ik denk en hoop dat de academies in hun curriculum weer plaats gaan maken voor de liefhebber die ‘gewoon goed wil leren tekenen’. Het is op dit moment niet mogelijk om met de specialisatie tekenen op een academie in Nederland je diploma te halen. Maar dit terzijde.

Om hedendaagse kunst te leren waarderen is het vaak nodig om je in die kunst te verdiepen. Het geldt natuurlijk voor bijna alles: iets wat je wilt leren kennen en begrijpen zul je moeten blijven volgen. Dat geldt al voor een gesprek. De kunst een gesprek te voeren, ook met zichzelf, zoals Hans-Georg Gadamer schreef, is de kracht van het denken. Kunst is niet iets wat door de metende methoden van de wetenschap van on-kunst (of van slechte kunst) onderscheiden kan worden. Gadamer schrijft in Bild und Wort: so wahr, so seiend, dat kunst waar is door zijnd te zijn. Dat betekent dat ze niet reproduceerbaar is. Dat klinkt natuurlijk bijna ongehoord in een wereld die vrijwel alles reproduceerbaar maakt en die door die reproduceerbaarheid soms de zin van kunst verwoest. (Bent u al wezen kijken naar de Rembrandt reproducties, op ware grote gemaakt, in Magna Plaza…..ik bedoel maar…)Kunst onderscheidt zich dus door het unieke. In de eenmaligheid van een kunstwerk heerst de waarheid en die is niet vervangbaar. Juist door die eenmaligheid, en dus de nieuwigheid van veel kunst, kunnen we in feite niet met onze reguliere criteria en kennis oordelen. Je zou kunnen zeggen dat voor echt nieuwe kunst telkens weer nieuwe verbale en tekstuele criteria moeten worden ontwikkeld. Omdat de praktijk, zie recensies, zie de kunstessays in catalogi, uitwijst dat dat niet lukt, blijft er vermoedelijk nog veel onbegrip over de hedendaagse beeldende kunst bestaan.

Uit het feit dat kunst gemaakt wordt, spreekt persoonlijk belang en gedrevenheid. Of die kunst nu meteen belangrijk is en de tijd zal overleven, langer dan de weekendbijlage, is een heel ander verhaal. Veel beeldende kunst van nu is open, soms boeiend stuurloos, maar ook vaak in zichzelf gekeerd. Er is openheid vereist van de kijker om die kunst op je te laten inwerken, maar er is ook steeds vaker een bijna literaire of kunsthistorische kennis nodig om de kunst te kunnen volgen. Is het vreemd als ik hier constateer dat je in de regel bij tekenkunst helemaal niet zo vaak van dit soort theoretische vragen stelt? Ik denk het niet…kijkt u straks op u gemak maar naar wat hier hangt. Zich ontwikkelende kunst is bijna synoniem aan avontuur, risico en openheid. Om daar over te kunnen schrijven zou niet alleen een uitdaging moeten zijn, het zou van de schrijvers een bijna nieuwe taal vereisen. Dat is niet alleen niet eenvoudig. Het lukt ook nog steeds niet. Beeldende kunst kan zich alles permitteren. De taal van de criticus niet. Die is gebonden aan duidelijkheid en syntaxis. En daar ligt natuurlijk een van de problemen. Een nieuwe taal en een andere wijze van schrijven moet wellicht nog worden gevonden.
Laten we het hier vooral hebben over het hedendaagse tekenen!

In dat tekenen, dat in het spiksplinternieuwe Witteveen Magazine beschrijven wordt als toch nog steeds een beetje in de mode, vindt beeldend merkwaardig genoeg niet zo heel veel ontwikkeling plaats. Dat heeft mogelijk met de gekozen, vaak conventionele technieken te maken, welke ‘kunsten’ kun je immers uithalen met een eenvoudig potlood? Hoe kun je houtskool anders gebruiken dan er toch vooral een lijn of een arcering mee op te zetten? De zogenaamde ontwikkeling in het tekenen betreft wat mij betreft vooral die van de figuratie. Als je de rastekenaars vergelijkt met de rasschilders, dan zijn er binnen de schilderkunst diverse niet figuratief werkende kunstenaars. In het hedendaagse tekenen zien we vooral een explosie aan figuratieve beelden. Al dan niet lichtelijk vervormt of zelfs misvormt. Neigt de tekening al naar een mate van abstractie dan gebruikt de maker dikwijls het materiaal op een delicate en technische hoogstaande wijze. Bij de expositie All About Drawing, een overzicht van 50 jaar Nederlandse Tekenkunst, die in het Stedelijk Museum in Schiedam in 2011 te zien was, blonken bijvoorbeeld de abstracte tekenaars Alexandra Roosen, Marc Nagtzaam en Henri Jacobs technisch uit. Het zal u ook hier in deze tentoonstelling opvallen dat het werk figuratief georiënteerd is.

Dat begint al met het installatieve werk van Anita Groener. Haar State is een in fijnheid en discipline uitblinkend werk. Samen met het werk van Geer van der Klugt vormden zij aanvankelijk de kern van wat een tekeningententoonstelling zou worden. Door de mogelijkheid van deze grote ruimte groeide het idee bij Oeke Witteveen om er dan meteen maar een drietal tentoonstellingen van te maken met de tekening als leidraad. En nu is er deze tweede expositie in het kader van wat een Tekeningen Festival is gaan heten. Je moet maar durven…het zo uitgebreid uitvoeren van een idee is uniek voor een commerciële galerie en verdient alle lof. Dat er dan ook ‘even’ om het nog completer te maken een heus Magazine wordt gemaakt, pleit nog eens extra voor dit initiatief. In het Witteveen Magazine wordt over het werk van elke kunstenaar kort geschreven. Hopelijk kan het werk van Ron Amir, Cathelijn van Goor, Anita Groener, Marleen Kappe, Stefan Kasper, Geer van der Klugt, Nicole Schulze (zij gaf het hele Witteveen Magazine ook vorm, wat toch een wonder was gezien de korte tijd….) en Kim Streur u voldoende bekoren. Dat Oeke ook bereid is jonge kunstenaars in dit Tekeningen Festival een kans te geven pleit nog eens extra voor haar in deze voor kunstenaars en galeries niet gemakkelijke tijd.

Arno Kramer Mei 2013


Posted in Tekenen, Tekeningen Festival | Leave a comment

Arno Kramer’s installatie in Musée de la Chasse et de la Nature – Parijs

Claude Athenaise, directeur van het Musée de la Chasse et de la Nature in Paris, heeft Arno Kramer uitgenodigd het grote trappenhuis van Hôtel de Guénégaud (historisch monument) voor een installatie.

Ontworpen als een vloeiend decor van wandkleden die tot na de zomer hangen op de muren van het trappenhuis. Deze installatie omvat 60 op doek gemonteerde tekeningen op Japans papier, getiteld “Ontsnapt”. Gezamelijk geven zij de persoonlijke opvatting van de kunstenaar op de natuur weer. In deze vloeiende vormen en dit bestiarium in potlood, aangevuld met pastel, gewassen en met waterverf, verschijnt een hele geesteswereld uit planten en minerale vormen. Zijn beïnvloeding door Ierland laat zich zien.

Musée de la Chasse et de la Nature, nog tot 29 september 2013
62, rue des Archives – 75003 Paris

fotoos uit de bespreking door Hyperallergic :

Arno Kramer's installatie in Musée de la Chasse et de la Nature - Paris

Arno Kramer's installatie in Musée de la Chasse et de la Nature - Paris

Arno Kramer's installatie in Musée de la Chasse et de la Nature - Paris

Arno Kramer's installatie in Musée de la Chasse et de la Nature - Paris

Arno Kramer's installatie in Musée de la Chasse et de la Nature - Paris

Arno Kramer's installatie in Musée de la Chasse et de la Nature - Paris

Arno Kramer's installatie in Musée de la Chasse et de la Nature - Paris

Arno Kramer's installatie in Musée de la Chasse et de la Nature - Paris

Arno Kramer's installatie in Musée de la Chasse et de la Nature - Paris

Arno Kramer's installatie in Musée de la Chasse et de la Nature - Paris

Arno Kramer's installatie in Musée de la Chasse et de la Nature - Paris

Arno Kramer's installatie in Musée de la Chasse et de la Nature - Paris


Posted in Blog, Nieuws, Tekenen, Uncategorized | Leave a comment

Vrienden 2013

Beste, lieve vrienden,

Het bestaat 1 jaar (vorige lente zijn we verhuisd)
en het is een jaar geworden met veel prachtige tentoonstellingen*)
en een goede pers (15x).
*) waaronder een prachtig overzicht van de nederlandse beeldhouwkunst
en nu : het aktuele inzicht van Nederlandse schilders .. (mis hem niet !).
April-Mei-Juni gaat het Tekeningen-Festival worden.

Ook kunstenaars van de galerie hebben succes gehad zoals o.a.
- Arno Kramer gaat naar een museum in Paris en zal in 2014 een tentoonstelling hebben in De Pont;
- Wout Berger had een tentoonstelling in De Pont en er verscheen een prachtig foto-boek van hem;
- Paul van Dongen : mooi oeuvre-boek en veel tentoonstelingen;
- Diana Blok : haar tentoonstelling (met boek en film) is doorgereisd naar Izmir, Turkije;

Het was een heel druk maar prachtig jaar.
Mede dankzij uw steun als Vriend van de galerie kon dit alles gebeuren.

Ook voor dit komende jaar staan er weer lezingen en workshops, zoals a.s. zondag 10 maart (Pauline Wiertz over porcelein **) en workshops over kunst & architectuur (m.m.v. studenten Rietveld). Suggesties blijven welkom !

Door méé te doen en lid te worden/blijven, steunt U de galerie en gaan we er weer een inspirerend en fascinerend jaar van maken. Als het kan, graag uw hulp en enthousiasme, dan ga ik er ook weer vóór !

Voor Vrienden zijn alle avonden/lezingen gratis, krijgt U korting op workshops en een verrassing.

Nogmaals mijn hartelijke dank !

Oeke Witteveen

z.o.z.
————————————————————————————————————————
Ja ik doe mee en wordt/blijf Vriend van de Galerie en maak € 60,- over voor dit komende jaar,
op # 5094969 (o. witteveen) of # 393729001 (galerie witteveen)
naam : __________________________________________________________________
adres : __________________________________________________________________
postcode plaats : __________________________________________________________
email :___________________________________________________________________


Posted in Vrienden | Leave a comment

Rob Perrée – For the Sake of Paint 2 ~ THE FLOOD

In november 2011 ging in het Dordrechts Museum de tentoonstelling ‘What’s Up. De Jongste Schilderkunst in Nederland’ in première. Een bewonderenswaardig initiatief dat ook als zodanig werd gewaardeerd in de reacties. Daarnaast was er kritiek: te veel, richtingloos en vooral te braaf. Dat was deels aan de gepresenteerde kunst te wijten, maar vooral aan de museumgewoonte om representatief te moeten en te willen zijn. Een persoonlijke, subjectieve keuze is in die kringen over het algemeen ‘not done’.

Girodet - Une Scène du Déluge - 1806

Girodet - Une Scène du Déluge - 1806


‘For the Sake of Paint 2. The Flood’*) [zie uitnodiging] trekt zich van die gangbare gewoonte niets aan. Het is een ode aan een vorm van schilderkunst die niet bescheiden wil zijn, maar zich in volle glorie en niet vies van verleidingstechnieken aan het publiek wil presenteren. Debet aan een dergelijk uitgangspunt is de keuze van de samensteller: de schilder F. Franciscus. Voor deze presentatie heeft hij zich met name laten inspireren door ‘Scène de Déluge’ van Girodet (1767-1824), een heftig, melodramatisch werk uit 1806.

Franciscus is een echte schilder. Als het woord ‘ouderwets’ niet zo ouderwets zou klinken, zou ik het een ouderwetse schilder noemen. Iemand die houdt van schilderen, die weet heeft van de mogelijkheden en onmogelijkheden van verf, die zich bewust is van de eeuwenlange traditie van de schilderkunst, er niet voor terugschrikt er in zijn werken aan te refereren, maar altijd op zoek is om er een nieuwe dimensie aan te voegen. Braaf of saai komen in zijn kunstenaarswoordenboek niet voor. Die houding kleurt zijn selectie.

Ab van Hanegem (1960) maakt abstracte schilderijen. De grillige, golvende vormen hebben een grote beweeglijkheid. Ze lijken als wolken in de storm de ruimte af te razen. Zijn heldere kleuren versterken dat. Zelfs in zijn ‘grijze’ doeken weet hij zoveel variatie in wit, grijs en zwart aan te brengen, dat de beweeglijkheid erdoor gestimuleerd wordt. Dat hij impliciet refereert aan voorgangers, o.a. door verschillende perspectieven uit te proberen of door te experimenteren met de theorie van de gulden snede, verhoogt de gelaagdheid van zijn werk. De dynamiek blijft echter het eerste dat in het oog springt.

De van oorsprong Israëlische kunstenaar Ron Amir (1975) vertelt op een gepassioneerde manier eigentijdse verhalen, verhalen waarin hij wreedheden en eigenaardigheden niet uit de weg gaat, verhalen vol tegenstellingen, geëngageerde verhalen, verhalen die geen maat houden en die zich, vooral in zijn tekeningen, haast eindeloos zouden kunnen voortzetten. Hij doet dat in een expressionistisch figuratieve stijl waarbij kleuren staan voor inhoud. Hij trekt de kijker aan, haalt hem zijn verhaal in en laat het hem meebeleven. Michelangelo en Caravaggio hebben duidelijk zijn pad gekruist. Het licht van Rembrandt schijnt regelmatig door.

Michael Kirkham (1971, Blackpool) schildert verfijnd figuratief. Nauwkeurig, ogenschijnlijk natuurgetrouw, gedetailleerd, in verkleurde kleuren. Een stijl waarin enig maniërisme niet vreemd is. Inhoudelijk neemt hij daar echter afstand van. Zijn verhalen zijn suggestief. Ze roepen bij de kijker allerlei fantasieën op. Omdat verlangen één van zijn belangrijkste thema’s is, zijn die fantasieën ongetwijfeld vaak erotisch van aard. Dat maakt ongemakkelijk, voor sommigen, omdat ze in de voyeurspositie worden gedwongen. Ze willen of moeten kijken maar willen op die drang niet betrapt worden.

Het werk van Ronald Ophuis (1968) is op een andere manier ongemakkelijk. Zijn schilderijen hebben meestal fysiek geweld tot thema. Door zijn fabelachtige expressionistische techniek, door de manier waarop hij zijn heftige taferelen in de ruimte zet en omdat hij het er letterlijk en figuurlijk dik oplegt, voelt de kijker zich enerzijds aangetrokken en heeft hij tegelijkertijd de neiging zijn hoofd af te draaien. Kunst als ramptoerisme. De portretten die hij schildert mogen zich ogenschijnlijk minder opdringen, maar omdat de kijker weet dat de afgebeelde slachtoffer of dader is (bijvoorbeeld een rol heeft gespeeld bij de wreedheden in Ruanda) ziet hij de wrede wereld toch achter de kop opdoemen. Ronald Ophuis drukt de kijker hardhandig op de feiten.

De feiten waar Philip Akkerman (1957) zich mee bezighoudt zijn subtieler en lijken eenzijdiger. “Ik ben in de eerste plaats een schilder. (…) In de tweede plaats onderzoek ik hoeveel Philip Akkermannen er mogelijk zijn. (…) Als dit niet zo was zou ik dit onderzoek via honderden romans of films hebben gedaan.” Met deze uitspraak geeft de kunstenaar aan waarom het mogelijk is dat hij al zijn hele carrière lang alleen zelfportretten schildert. Door schilderkunstige technieken en een filosofische inslag slaagt hij erin die portretten allemaal van elkaar te laten verschillen. Het lijkt alsof hij met zijn portretten refereert aan een lange kunsthistorische traditie, maar hij wijst deze aanname nadrukkelijk van de hand. “Kunstgeschiedenis is een grap. Dat is iets voor studenten en wetenschappers, niet voor mensen die van schilderijen houden of schilderijen maken.”

Hans Broek (1965) logenstraft deze stelling. Na jaren vergezichten van en in de omgeving van Los Angeles geschilderd te hebben, zoekt hij nu, vanuit New York, zijn inspiratie in het werk van grote voorgangers (o.a. Velasquez en Delacroix) en in films van grote regisseurs (bijvoorbeeld Stanley Kubrick). Foto’s of reproducties zijn daarbij zijn uitgangspunt. Een afgeleide van de echte werken. In zijn manier van schilderen – vaak vlekkerig, ogenschijnlijk aarzelend – probeert hij dat aspect nader uitdrukking te geven. Dat heeft het wonderlijke effect, dat het lijkt alsof je naar de schets voor een beroemd kunstwerk van een ander staat te kijken. Een vervreemdende ervaring. Tegelijkertijd krijg je het gevoel dat je een blik wordt gegund in de keuken van die beroemde voorganger. De essentie van het werk van Hans Broek is dat je doordringt tot de essentie van bestaande kunstwerken of films.

Het werk van Gé-Karel van der Sterren (1969) lijkt een weerspiegeling van de dagelijkse wereld om hem heen. Dat die wereld desondanks vaak absurd overkomt, heeft enerzijds te maken met zijn geoefend oog voor het absurde, anderzijds komt het, omdat hij de virtuele wereld van de reclame, de computerspelletjes en de clips erin betrekt. Dat paradoxale wordt onderstreept door zijn manier van schilderen. Hij gebruikt de verf op een uitbundige manier. Ze wordt kwistig en meestal in heldere, haast vrolijke kleuren op het doek aangebracht. Daardoor en door zijn soms onweerstaanbare gevoel voor humor, hebben zijn schilderijen een grote aantrekkingskracht. De impliciete maatschappijkritiek dringt pas tot je door als je bent gevallen voor deze verleidingstactiek.

Hierbij vergeleken zijn de landschappen van zijn Duitse collega Sven Kroner (1973) qua kleur haast sober te noemen. Niet qua formaat. Ze strekken zich veelal dramatisch groot uit. Ze lijken te verwijzen naar voorgangers als Jacob van Ruisdael en Casper David Friedrich. Ze zijn echter veel losser geschilderd. Ze staan bovendien verder af van de werkelijkheid. Sven Kroner speelt met de dunne grens tussen realiteit en fantasie. Het zou me niet verbazen als zijn meestal mensloze, mysterieuze landschappen hun oorsprong vinden in de fantasielandschappen die een grote populariteit genoten in de Romantiek. Titels als ‘Traum’ en ‘Be on my Side’ wijzen daarop. Deze en andere werken bieden een ontsnappingsmogelijkheid uit de ‘boze’ werkelijkheid van het hier en het nu..

Meer werkelijkheden is ook het thema in het werk van Anya Janssen (1962). Ze schildert in principe figuratief, maar het uiteindelijke, gelaagde resultaat lijkt het meest op een bewogen foto. Alsof de figuren die ze schildert zich in een andere wereld bevinden dan je aanvankelijk zou denken. Waar die werelden voor staan blijft in het ongewisse. De georganiseerde rationele wereld tegenover de meer gevoelsmatige intuïtieve wereld? Een onpersoonlijke wereld tegenover een intieme wereld? Het zou kunnen. Omdat spiegels een rol spelen in haar werk (evenals tweelingen), is het niet onmogelijk dat het haar (ook) gaat om de discrepantie tussen hoe je bent en hoe je jezelf ziet. Niet alleen de werkelijkheid staat ter discussie, over identiteit valt in haar ogen eveneens te twisten.

Niels Smits van Burgst (1970) trekt je in een wat smoezelige jonge-mannen-wereld die nog jongenswereld speelt. Er wordt gezopen, gevreeën, gestoeid en ongein uitgehaald. Lamlendigheid en geilheid wisselen elkaar af. De ruimtes zijn vol en verwaarloosd. Een Dickensachtige blik op een rommelige werkelijkheid. Taferelen die Jan Steen en Jeroen Bosch nader tot elkaar brengen. Smits van Burgst versterkt die sfeer door zijn vlekkerige manier van schilderen, door kleuren te gebruiken die door de tijd lijken te zijn aangetast. Schemerlicht zorgt voor accenten, waardoor de verhalen hoofd- en bijfiguren krijgen en het platte vlak van diepte wordt voorzien.

Het contrast met de wereld van V & B (Ellemieke Schoenmaker & Alex Jacobs, 1968 & 1973) kan haast niet groter zijn. In hun schilderijen gaat het om een eigentijdse wereld waarin status, macht, geld en trends domineren. V & B zetten taferelen in scène, fotograferen ze en vullen of passen ze aan met beelden die ze aan het internet ontlenen. Ze brengen ze in heldere kleuren op het doek. Soms heel realistisch, in andere gevallen expressionistischer, maar altijd expressief. Met name de achtergronden waartegen de gebeurtenissen plaatsvinden hebben soms meer weg van een uitvergroot verfpalet. Ongearticuleerde vormen in heldere kleuren die (bewust) de aandacht van de kijker trekken. Ironie en zelfspot zijn belangrijke factoren binnen het geheel.

Gijs Frieling (1966) eigent zich werken van anderen toe door ze na te schilderen. Daarmee verschaft hij zichzelf het recht om ze tot onderdeel te maken van zijn verhaal. Dat verhaal is meer een bundeling van scènes die zich in verschillende tijden kunnen afspelen, die in verschillende stijlen zijn geschilderd, vaak vanuit verschillende perspectieven en die verwijzen naar verschillende stromingen en genres in de geschiedenis van de kunst. Ze worden op een niet nader te identificeren locatie samengebracht. Op een groot doek of direct op de muur. Gelijkwaardig aan elkaar, contrasterend en aanvullend. Frieling schrijft geschiedenis door de geschiedenis als een onlosmakelijk geheel te verbeelden.

De schilderijen van Roland Schimmel (1954) fungeren als rustpunten binnen de tentoonstelling. Het zijn haast kleurloze verzamelingen van ronde vormen. Die vormen worden omgeven door (andere) prismatische kleuren. Alsof ze nabeelden hebben. De zwarte cirkels zijn evenveel vlekken als gaten. Het geheel doet denken aan een beweeglijk, nauwkeurig gechoreografeerd ballet. Op het geluid van de stilte. Het is alsof Schimmel ons waarnemingsvermogen wil testen, alsof hij de realiteit tot een verzinsel van onze hersens wil maken. Zijn schilderijen zijn minimale aanwezigen met een verrassend, maximaal effect.

‘For the Sake of Paint 2. The Flood’ bewijst eens temeer dat het schilderij een uniek medium is. Het heeft een lange traditie die moeiteloos naar het heden kan worden doorgetrokken en kan worden aangevuld. Het biedt alle ruimte voor een persoonlijke, eigenzinnige en eigentijdse invulling. Deze presentatie van F.Franciscus maakt dat op een gevarieerde en spannende manier duidelijk.

Rob Perrée
Amsterdam, januari 2013.
*) Franciscus stelde eerder tentoonstellingen van schilderkunst samen. In 2005 ‘Verf op Doek’ bij de Flatland Gallery in Utrecht en vorig jaar ‘For the Sake of Paint 1’ in diezelfde galerie. Aan ‘For the Sake of Paint 2. The Flood’ nemen veel meer kunstenaars deel.

For the Sake of Paint 2 – THE FLOOD t/m 23 maart 2013.


Posted in Exposities bij Witteveen, THE FLOOD | Leave a comment

Uitnodiging HERE COMES THE FLOOD

. . . Lord, here comes the flood Here we’ll say goodbye to flesh and blood If again the seas are silent In any still alive It’ll be those who gave their island to survive Drink up, dreamers, you’re running … Continue reading

Posted in Exposities bij Witteveen, THE FLOOD | Leave a comment